Historiek

Historisch overzicht van een dynamische vrouwenvereniging.

 

De beginjaren (1911-1926)

Explosieve groei (1940-1946)

Naar een nieuwe tijd (1946-1961)

Tijd voor hervormingen (1962-1986)

Aandacht voor kwaliteit en professionalisering (1987-2005)

Een nieuw profiel (2006-2011)

2011

 

De beginjaren (1911-1926)

5 juli 1911: te Leuven werd 'in den schoot van den Belgischen Boerenbond eene afdeeling voor vrouwen gesticht, met name Belgischen Boerinnenbond'.
Elke gilde kwam 4 maal per jaar samen volgens een aanbevolen vergaderschema. Voordrachtgevers konden gevraagd worden bij het Ministerie van Landbouw of bij de Boerinnenbond zelf. Het valt op dat, naast de typische landbouwonderwerpen, er toen al aandacht was voor het verbeteren van de voeding, voor de verzorging van zuigelingen en voor een goede scholing voor meisjes op de buiten.
 Nationale Boerinnenbondactiviteiten beperkten zich tot het tijdschrift 'De Boerin' dat maandelijks de schakel vormde tussen alle leden van de vereniging.
De morele en religieuze vorming van de leden verschoof in 'De Boerin' vanaf 1924 letterlijk van de laatste naar de eerste plaats en het aantal godsdienstige artikels nam stelselmatig toe. Dit hing duidelijk samen met de 'Katholieke Actie' waarmee paus Pius XI het katholieke leven in gezin en maatschappij en het lekenapostolaat een nieuw elan wilde geven. In 1922 begon de Boerinnenbond met driedaagse gesloten retraites. In 1926 ging de eerste tweejaarlijkse Lourdesbedevaart door.

^ Top

 

Explosieve groei (1940-1946)

Tot 1940 was er een explosieve groei. Zowel het aantal leden als het aantal gilden verzesvoudigde: 153 gilden in 1919 - 973 in 1940, 20.000 leden in 1919 - ongeveer 120.000 in 1940. Naarmate de jaren vorderden, werd steeds minder aan het toeval overgelaten. De oprichting van nieuwe gilden gebeurde met voorgedrukte 'raadgevingen bij het oprichten eener Boerinnenbondgilde'. Vanaf 1925 startte de Boerinnenbond met een vast voordrachtenprogramma waaruit de gilden hun keuze konden maken en vanaf 1938 werd een jaarthema voor de hele werking vooropgezet.
De besturen werden permanent gevormd en begeleid, vanaf 1922 zelfs met een maandblad voor bestuurders 'Onze Gids'. Het is door deze kadervorming dat de Boerinnenbond op langere termijn gezien een grote bijdrage heeft geleverd aan de mondigheid van de vrouw op het platteland.
 De leden zelf konden stilaan steeds minder onder de noemer 'boerinnen' worden ondergebracht. Gelukkig was het programma van meet af aan ruim genoeg om heel wat meer vrouwen op het platteland te interesseren. De Boerinnenbond zelf stimuleerde trouwens een ruime ledenwerving.

^ Top

 

Naar een nieuwe tijd (1946-1961)

De periode 1946-1961 vormde in meer dan één opzicht de overgang naar een nieuwe tijd. Bewijs hiervan: de opziensters kregen vanaf 1950 een auto ter beschikking om hun afdelingen te bezoeken!
Aan de kadervorming werd nog steeds heel veel aandacht besteed. Vanaf 1946 publiceerde de Boerinnenbond een eigen trimestrieel 'Bestuursblad' met een bijlage voor de voordrachtgevers. Er werd stilaan gepleit voor meer inbreng van de toehoorders in de plaats van een droog lesgeven. Ook de verzorging van het ontspannend gedeelte van de vergaderingen werd meer benadrukt. Vanaf 1955 kreeg het 'Bestuursblad' ook een bijlage voor de ontspanning!
 De ledencijfers zeggen genoeg over het naoorlogse succes. Tot en met 1961 nam het ledenaantal haast elk jaar met enkele duizenden toe. Dit hing natuurlijk samen met de aansluiting van ongeveer 200 nieuwe afdelingen (waaronder de 48 afdelingen die in 1952 vanuit het Landfrauenverband aansloten).
Het ledenblad 'De Boerin' werd vanaf 1949 'Bij de Haard' genoemd.
Voor 1940 richtte de Boerinnenbond zich tot zijn leden als één groep. Vanaf 1946 werd een gescheiden werking voor de eigenlijke boerinnen opgezet.
 De sociale dienstverlening, die kort voor en tijdens de tweede wereldoorlog was opgezet, kreeg een permanent kader om in 1959 uit te monden in de oprichting van een eigen dienst Gezinshulp. In 1949 werd met een dienst Sociaal Hulpbetoon gestart voor de sociaalrechtelijke begeleiding.
 Voor politiek had de Boerinnenbond vóór 1948, vóór de invoering van het vrouwenstemrecht voor het parlement, nauwelijks interesse getoond. De parlementsverkiezingen van 1949 brachten een ommekeer op gang. De leden kregen - in voorzichtige bewoordingen - de raad 'goed' te stemmen.

^ Top

 

Tijd voor hervormingen (1962-1986)

50 jaar lang was de Boerinnenbond geëvolueerd, van een echte boerinnenbond naar een organisatie van landelijke vrouwen. In 1961, bij de viering van het vijftigjarig bestaan bereikte de Boerinnenbond een eerste hoogtepunt met 139.000 leden en 1.170 afdelingen. Tijdens de zestiger jaren veranderde heel de samenleving op korte tijd van aangezicht en de Boerinnenbond evolueerde mee. Zoals in de bredere maatschappij alle vaste waarden in twijfel werden getrokken, zo stelde de Boerinnenbond in de jaren '60 zichzelf in vraag. Stap voor stap leidde dit naar een positief herdenken en hervormen. Inspraak, overleg, medebeheer,… kregen in de Boerinnenbond gestalte in opeenvolgende veranderingen in het bestuur. Naast de verkozen afdelingsbesturen kwamen er verkozen adviserende gewestraden, provinciale raden en bovenaan een Nationale Raad. In 1984 werden deze raden omgevormd tot echte besturen met beslissingsbevoegdheid: het gewestbestuur, streekbesturen en aan de top het nationaal bestuur en de algemene vergadering van de vzw KVLV.
 Bij het 60-jarig bestaan in 1971 werd de naam van de vereniging omgevormd tot Katholiek Vormingswerk voor Landelijke Vrouwen, in 1975 betekenisvol gewijzigd tot Katholiek Vormingswerk van Landelijke Vrouwen.

^ Top

 

Aandacht voor kwaliteit en professionalisering (1987-2005)

Na het jubileumfeest van 75 jaar KVLV ging de ledenaangroei gestadig verder en kende zijn hoogtepunt in 1991 met 163.000 leden. 'Bij de Haard' werd 'Eigen Aard' met een nieuwe look en een vernieuwde inhoud. De KVLV Statuten en Huishoudelijk Reglement werden aangepast aan het evoluerende verenigingsleven waarin bestuursleden kortere engagementen opnemen. Nieuwe bestuursvormen ontstaan, duobanen voor de functie van voorzitster en secretaresse worden gecreëerd. Democratie en participatie van leden in het beleid van de plaatselijke afdelingen werden aangemoedigd. Bestuursverkiezingen bleken een belangrijke aanzet tot vernieuwing zowel in de samenstelling van de besturen als in de werking van de afdelingen. Toen een wijziging in het decreet, medio de jaren '90, de werking van de streekbesturen ophief ging dit in KVLV gepaard met het omvormen van de streekbesturen naar een provinciaal bestuur. Nationaal werd een Seniorenraad van de Landelijke Beweging opgericht. In alle geledingen van de KVLV-structuur werden verantwoordelijken voor 60+ werking opgenomen.

In 1993 deed Ernst & Young een doorlichting van KVLV dat te kampen kreeg met financiële moeilijkheden en nood had aan een efficiëntere (werk)organisatie. Dit had gevolgen voor de interne organisatie. Voor het eerst in de geschiedenis vielen er ontslagen bij het personeel. Alles werd ingezet om efficiënter te kunnen werken. De interne structuur werd aangepast, de automatisering ingezet, een strategisch plan geschreven en uitvoering hiervan werd over de volgende jaren geconcretiseerd. Zo werd werk gemaakt van een interne begeleiding en een betere verloning van de vormingswerkers. Eigen Aard werd verder geactualiseerd. Nieuwe uitgaven zoals Ons bakboek en het nieuwe Ons kookboek waren bestsellers. In het programma-aanbod voor leden kwam er naast het afdelings- en het gewestelijk programma ook een nationaal aanbod. 'Extra!' waren activiteiten en cursussen met gespecialiseerde vormingswerkers waarop leden rechtstreeks konden intekenen.
De kadervorming voor bestuursleden bleef belangrijk en werkte kwaliteitsbevorderend. Ook hier werd ingespeeld op de behoeften van de deelnemers en dit door aangepaste leermodules zowel op vlak van functionele vorming als op vlak van persoons- en maatschappelijke vorming. Ondersteunend werkmateriaal voor bestuursleden werd aangemaakt zoals het Bestuursblad, de Map voor afdelingswerking, de administratiebundel voor de secretaresse, de pastorale werkmap, brochures jongerenwerking, ledenwerving, jubelviering,...
De visieteksten aan de hand van de 5 woorden 'Katholiek Vormingswerk van Landelijke Vrouwen' werden finaal afgerond, gebundeld en verspreid in 2001.

Per 1 januari 2003 verhuisde KVLV van Leuven-stad naar Wijgmaal naar een nieuw opgetrokken gebouw op de oude Remysite. Eindelijk een plaats waar de hele Groep KVLV zich kon huisvesten. Want KVLV heeft zich als socio-culturele organisatie niet alleen ontwikkeld als vormingsbeweging, zij heeft ook haar dienstverlening uitgebouwd. Zo ontstonden er in de loop der jaren verschillende vzw's waarvan sommige uitgroeiden tot de grootste private dienstverleners in hun sector: Landelijke Thuiszorg, Landelijke Kinderopvang, Zorg-Saam en Ons Zorgnetwerk. In het belang van de Agraleden participeert KVLV aan de beleidsorganen van Boerenbond. Ruime netwerken met andere vrouwenbewegingen, vormings-, sociale en culturele groepen worden versterkt om het middenveld zijn volle plaats te laten innemen in Vlaanderen.

In januari 2004 werd, in uitvoering van het KVLV-beleidsplan 2003-2005, het Landfrauenverband (LFV) een autonome vereniging. Het LFV is een zelfstandige vzw maar blijft ondersteund vanuit KVLV. De plattelandsvrouwen in Duitstalig België bouwen zo aan een nieuwe start voor hun werking.

Vanaf 1991 daalde het ledenaantal van KVLV gestaag en geleidelijk. In 2005 waren nog 120.000 vrouwen aangesloten bij de vereniging. Het jaarlijkse verlies lijkt gestabiliseerd op een kleine 3.000 per jaar.

^ Top

 

Een nieuw profiel (2006-2011)

KVLV werkte aan de verbetering van haar imago, beginnend met een naamswijziging: KVLV is niet langer 'Katholiek Vormingswerk van Landelijke Vrouwen', maar expliciteert zich voortaan als 'Vrouwen met vaart'. Het ledenblad 'Eigen Aard' werd 'Vrouwen met vaart'. De nieuwe KVLV-stijl slaat aan. KVLV profileert zich nadrukkelijk op een aantal inhoudelijke domeinen: lekkere en gezonde voeding, gezondheid en conditie, creativiteit, zorgzaam samenleven, platteland. De kleine 10% boerinnen en tuiniersters onder de aangesloten leden worden ondersteund via de werking KVLV-Agra. In de kadervorming werd geëxperimenteerd met nieuwe modules waarbij ingezet wordt op competentie-ontwikkeling van bestuursleden. Kwaliteit van freelance vormingswerkers werd verhoogd via een instapprocedure. KVLV engageert zich maatschappelijk in samenwerkingsverbanden en werkt eigen actiemodellen en projecten uit. Na bijna 100 jaar werking op het ritme van een schooljaar werd in 2010 een overgang gemaakt naar een werking op basis van kalenderjaar.

Groep KVLV breidde uit met een aantal nieuwe organisaties: Landelijk Dienstencoöperatief, Landelijk Jobcoöperatief, Steunpunt Groene Zorg. Groep KVLV telt intussen meer dan 7.000 medewerkers in 9 vzw's en 2 coöperatieven.

^ Top

 

2011

KVLV bestaat 100 jaar en dat mag gevierd. Voor KVLV staat 2011 in het teken van eeuwige passie, feestvieren en toekomstperspectieven creëren voor de vereniging. Op zaterdag 21 mei vierde KVLV haar eeuwfeest met bijna 20.000 vrouwen in Leuven. Iedereen kon meegenieten van het beste dat KVLV te bieden heeft op straten en pleinen in de historische binnenstad. Op www.kvlvevent.be blikken we terug op het KVLV-Event.

^ Top

 

Wist je dat?

974 plaatselijke groepen maken van KVLV een levendige, dynamische beweging in jouw buurt!

 

Meer opvallende cijfers